Kledingstuk

  • Soort lage schoenen zonder veters, makkelijk aan te schuiven.

  • Yogabroek
  • Onderdeel van een herenpak, nette bovenkleding.

  • Algemene benaming voor onderkleding voor benen.

  • Soort werkkleding, volledig pak als outfit gedragen.

  • Mouwloos bovenstuk, vaak als gilet of bodywarmer gedragen.

  • Bovenkleding, beschermt tegen kou en regen.

  • Sieraad rond de pols, vaak van metaal of stof.

  • Kledingstuk voor onderlichaam, vaak door vrouwen gedragen.

  • Enkelband
  • Nachtkleding om te dragen in bed, vooral voor dames.

  • Ondergoedstuk voor onderlichaam, vaak katoen.

  • Gebreide trui met hoge kraag, warm in de winter

  • Warm bovenkleding, populair in de winter in NL.

  • Kledingstuk om in te zwemmen, vaak van stof.

  • Warme hoofddeksel, vaak van wol. Ideaal in de winter.

  • Handschoenen van stof of wol, warm in de winter.

  • Schoeisel dat de voet en enkel bedekt, vaak leer.

  • Hoofddeksel dat je op je hoofd draagt, vaak tegen zon of regen.

  • Hoed is hoofddeksel dat je draagt, al eeuwen in de mode.

  • Mouwloos jasje, vaak netjes of bij pak gedragen.

  • Strakke sportbroek voor op de fiets, echte kleding

  • Hemd is bovenkleding, vaak onder een trui of pak gedragen.

  • Katoenen bovenstuk, casual, wereldwijd gedragen.

  • Dikke jas voor koude winterdagen, warm kledingstuk.

  • Galajasje met lange slippen, bekend uit België

  • Lange jas als bovenkleding, beschermt tegen kou en regen.

  • Eenstuk dameskleding, vaak netjes of feestelijk.

  • Kledingstuk voor aan de voet, vaak van katoen.

  • Lange chique jurk speciaal voor gala of bal.

  • Strakke broek uit rekbare stof, populair als casual.

  • Beschermt ogen tegen zon, modieuze accessoire.

  • Tweedelig slaapkledingstuk, comfortabele nachtkleding.

  • Lange doek om je nek, tegen kou of als mode.

  • Engelse benaming voor pet, hoofddeksel met klep

  • Feestelijke lange jurk, gedragen bij chique avonden.

  • Korte broek is een soort short, zomerse onderkleding.

  • Accessoire rond de taille, houdt broek of rok op zijn plaats.

  • Net woord voor broek, lange onderkleding voor benen.

  • Sluiting aan riem of schoen, kledingaccessoire.

  • Kous is een kledingstuk voor de voet en (onder)been.

  • Kort topje dat de navel toont, populair in mode.

  • Los nachtkledingstuk om in te slapen, als jurk.

  • Een veter houdt je schoen stevig aan je voet 👟

  • Broek die tot net boven de enkel valt.

  • Bovenkleding voor het bovenlichaam, erg gebruikelijk.

  • Net overhemd, gedragen op bovenlichaam.

  • Eendelig badkledingstuk, vaak voor vrouwen.

  • Schoeisel om de voeten te beschermen en bedekken.

  • Handschoen beschermt en verwarmt je hand, vaak per paar.

  • Algemene benaming voor een lange pantalon.

  • Strakke panty/legging, bedekt benen en soms voeten.

  • Net jasje, vaak deel van een pak of kostuum

  • Een capuchon draag je op je hoofd als kledingstuk.

  • Kokerrok is een nauwsluitende rok, vaak zakelijk.

  • Beschermend kapje voor neus en mond, je draagt het op je gezicht.

  • Sieraad aan het oor, populair accessoire.

  • Strakke nylon kousen, als onderkleding gedragen.

  • Mouwloze mantel die je over kleding draagt

  • Lage laarsjes tot aan de enkel, soort schoen.

  • Trui van wol, veel gedragen in koude seizoenen.

  • Licht damesbovenstuk, vaak zonder mouwen.

  • Lichte jas speciaal voor warmere seizoenen.

  • Andere naam voor riem, rond je middel gedragen.

  • Fleece trui/vest is warme bovenkleding in stof

  • Chique jurk speciaal om op een feest te dragen

  • Papieren of stoffen hoofddeksel voor feestjes

  • Strikvormige das, chic accessoire om de hals.

  • Verzamelnaam voor slip, boxer enzovoort.

  • Ketting is een sieraad dat je om de hals draagt.

  • Kraag is een deel van kleding rond de hals, dus draagbaar.

  • Dunne bovenkleding voor dames, vaak met knopen.

  • Hoofddoek is doek die je om het hoofd draagt, vaak cultureel.

  • Haarband draag je om je hoofd om haar uit je gezicht te houden.

  • Shirt met kraag en knoopjes, tussen T‑shirt en hemd in.

  • Lange mantel om binnen te dragen na douche of in huis.

  • Een mouw is een kledingdeel dat je arm bedekt.

  • Kamerjas is een lichte jas die je binnenshuis draagt.

  • Worden op het hoofd gedragen om oren warm te houden.

  • Broek van denim, wereldwijd dagelijkse kleding.

  • Kostuum in de vorm van een aap, echt draagbaar pak.

  • Broek waarvan pijpen kunnen worden afgeritst.

  • Dikke jas met capuchon, beschermt tegen kou.

  • Kleed kan in België jurk betekenen, dus kledingstuk.

  • Sportschoenen, vaak casual gedragen als sneaker.

  • Klompen zijn houten schoenen, traditioneel Nederlands.

  • Net pak met broek en jasje, formele boven‑ en onderkleding.

  • Ruime cape‑achtige jas, beschermt tegen regen en kou.

  • Nette halsaccessoire, vaak gedragen bij een pak.

  • Netpanty, fijne mazen, gedragen op de benen.

  • Schoen met hoge, dunne hak, vaak chique.

  • Sieraad om vinger, van metaal of edelsteen.

  • Ondergoed, nauwsluitend kledingstuk met koordjes.

  • Eendelig kledingstuk, vaak als werkpak.

  • Nettere damesjurk, vaak voor feest of gala.

  • Kroon is een hoofdtooi, te dragen als versiering.

  • Kimono is een traditionele Japanse gewaad-achtige jas.

  • Hoofddeksel met brede rand tegen de zon.

  • Lichte jurk voor de zomer, vaak luchtige stof.

  • Tweedelig bad- of strandpak om te zwemmen.

A Kledingstuk listán szereplő szavak olyan szavak, amelyeket a Ország Város szójáték játékosai lejátszott játékokban írtak, gyakoriság szerint rendezve.